Dit zijn de grootste misvattingen over hoe vaak een doodsoorzaak voorkomt

Ipsos’ meest recente Perils of Perception studie laat de publieke(1) mispercepties in 32 verschillende landen zien over hoe vaak een bepaalde doodsoorzaak voorkomt. Hoewel de patronen in diverse landen verschillen, schatten mensen in het algemeen de hoeveelheid sterfgevallen die door kanker en hart- en vaatziekten wordt veroorzaakt gemiddeld te laag in en overschatten ze de hoeveelheid sterfgevallen te wijten aan geweld, verkeersongelukken en misbruik van drugs en alcohol.

Download het volledige rapport hier.

 

Doodsoorzaken over de hele wereld: Ziekten en infecties 

  • Hart- en vaatziekten zijn wereldwijd de meest voorkomende doodsoorzaak, volgens de IHME Global Burden of Disease Study 2017 (IHME). De op één na grootste oorzaak is kanker.
  • Het merendeel van de landen in deze studie schat het percentage mensen die jaarlijks sterven aan hart- en vaatziekten lager in. De gemiddelde schatting in alle landen bedraagt 11%, terwijl het werkelijke cijfer bijna drie keer zo hoog ligt: 32%. In Roemenië wordt 56% van alle sterfgevallen veroorzaakt door hart- en vaatziekten, terwijl de gemiddelde schatting slechts 12% is. 
  • De meeste landen schatten het aandeel personen die jaarlijks aan kanker overlijden lager in. Gemiddeld denken mensen dat bij 15% van de jaarlijkse sterfgevallen kanker de oorzaak is, terwijl het werkelijke cijfer 24% is. In Frankrijk denken mensen dat kanker verantwoordelijk is voor jaarlijks 16% van de sterfgevallen, terwijl dat in werkelijkheid met 32% het dubbele is.
  • Sterfte als gevolg van neurologische ziekten zoals dementie of Parkinson wordt ook in veel landen lager ingeschat. In alle 32 landen wordt het op 5%, geschat terwijl het werkelijke cijfer 9% is. Vooral in Japan is de kans groter dat mensen dit lager inschatten: ze denken gemiddeld dat dit 5% is, tegenover het werkelijke cijfer van 16%. 
  • Bijna elk land overschat het aandeel sterfgevallen als gevolg van hiv/aids of seksueel overdraagbare ziektes (soa’s). De gemiddelde schatting is 5%, terwijl dit cijfer in werkelijkheid 1% is. In Zuid-Afrika zijn hiv/aids en soa’s jaarlijks de oorzaak van 29% van de sterfgevallen. Maar gemiddeld wordt het geschat op 11%. 

Doodsoorzaken over de hele wereld: Conflicten, terrorisme en geweld 

  • Alle landen overschatten het aandeel mensen die jaarlijks sterven door persoonlijk geweld. Het gemiddelde ‘werkelijke’ cijfer in alle verschillende landen is slechts 1%, terwijl het gemiddeld op 8% wordt geschat. Vooral onder mensen in Amerika is de kans groter dat zij het aandeel personen die door persoonlijk geweld om het leven komen overschatten. In Peru bedraagt de gemiddelde schatting 14%, terwijl het werkelijke cijfer slechts 0.8% is. 
  • Bijna ieder land in deze studie overschat het aandeel mensen die jaarlijks door terrorisme of conflicten omkomen. Het gemiddelde in alle landen is slechts 0.1%, terwijl de gemiddelde schatting 5% is. Vooral in Colombia en Turkije is de kans groot dat mensen dit overschatten, met schattingen van rond de 10%, terwijl de werkelijke cijfers alle onder de 1% liggen.

Doodsoorzaken over de hele wereld: Ziekten door drugs- en alcoholgebruik 

  • Het aandeel sterfgevallen als gevolg van drugs- en alcoholverslaving wordt in alle landen overschat. Gemiddeld denken mensen dat dit de oorzaak is van 8% van alle sterfgevallen, terwijl het in werkelijkheid 0.7% is. In Italië is de gemiddelde schatting 10%, terwijl het werkelijke percentage sterfgevallen 0.5% is. 

Doodsoorzaken over de hele wereld: Suïcide 

  • In ieder land overschatten mensen het aantal personen die sterven door suïcide. Het gemiddelde aandeel sterfgevallen als gevolg van suïcide dat in deze studie wordt benoemd is 1.6%, tegenover een gemiddelde schatting van 7.3%. In Japan is de gemiddelde schatting 10.9%, terwijl dit cijfer in werkelijkheid 2.1% is. 

Doodsoorzaken over de hele wereld: Verkeersongelukken 

  • Verkeersongelukken worden in bijna ieder land overschat. De gemiddelde schatting is 10%, terwijl het werkelijke cijfer veel lager ligt (2%). Vooral Spanje, Polen en Hongarije zijn sterker geneigd dit te overschatten. In Spanje ligt de gemiddelde schatting op 13%, terwijl verkeersongelukken verantwoordelijk zijn voor 0.7% van de totale sterftegetallen. 

Hoe nauwkeurig is het Nederlandse publiek…? 

  • Nederlanders denken dat jaarlijks 14% van de mensen sterft aan hart- en vaatziekten, terwijl dat cijfer op 27% ligt.
  • Kanker is de grootste oorzaak voor sterfte in Nederland, maar we schatten de schaal waarop dit gebeurt lager in. De gemiddelde schatting is dat 17% van de mensen overlijdt door kanker, terwijl het werkelijke cijfer 31% is.
  • We overschatten enigszins het aantal personen die in Nederland jaarlijks aan neurologische ziekten overlijden. De gemiddeld schatting is 8%, terwijl dat in werkelijkheid 12% is. 
  • Nederlanders overschatten het aandeel personen die jaarlijks aan hiv/aids of soa’s overlijden. Gemiddeld is de schatting dat dit 4% is, tegenover het werkelijke cijfer van bijna 0%. 
  • Persoonlijk geweld zoals moord is verantwoordelijk voor jaarlijks 0.1% van de sterfgevallen in Nederland. Nederlanders zijn bij deze vraag nauwkeuriger dan alle andere landen, maar schatten dit toch hoger in, gemiddeld 4%. 
  • We overschatten enigszins het aandeel personen dat jaarlijks om het leven komt door terrorisme of conflicten. De gemiddelde schatting is 3%, terwijl het werkelijke cijfer dichter tegen de 0% ligt(2017)
  • We overschatten de schaal van aan alcohol- en drugs gerelateerde sterfgevallen. De gemiddelde schatting in Nederland is 4%, terwijl het werkelijke cijfer 0.1% is. Toch zijn de Nederlanders bij deze vraag nauwkeuriger dan welk ander land ook. 
  • Suïcide is verantwoordelijk voor 2% van de sterfgevallen in alle leeftijdsgroepen in Nederland. De gemiddelde schatting bedraagt 6%. 
  • Nederland heeft één van de laagste aandelen in sterfgevallen door verkeersongelukken in alle landen in deze studie. De gemiddelde schatting van het aandeel sterfgevallen was 6% tegenover het werkelijke cijfer van 1%.

Vergeleken met andere landen zijn de Nederlanders één van de meest nauwkeurige bevolkingen. Om precies te zijn, zijn we het op twee na meest nauwkeurige land in onze “Mispercepties Index” – alleen Zuid-Korea en Brazilië staan hoger. 
Als we naar de elf vragen kijken waarmee we mensen vragen de werkelijke situatie in te schatten, zien we duidelijke patronen in welke landen een nauwkeuriger beeld van het eigen land hebben. Om dit weer te geven hebben we de Ipsos “Misperceptions Index” berekend, die we in onderstaande tabel laten zien. 
Voor 2020 ontvangt Turkije de niet benijdenswaardige prijs van ‘minst nauwkeurig’ in hun percepties na een derde plaats in 2018. Ze worden dicht gevolgd door Roemenië en Spanje
De Brazilianen zijn het meest nauwkeurig, gevolgd door Zuid-Korea en Nederland


Misperceptions Index 
xAls onderdeel van deze studie zijn de deelnemers ook vragen gesteld over de dingen die hun schattingen zouden kunnen beïnvloeden, zoals wat ze het meest op het nieuws zagen, de dingen waarover ze dachten het minste controle te hebben of wat ze dachten dat de meest onplezierige manier om te sterven zou zijn. 

  • Mensen zeggen dat ze verkeersongevallen (38%), persoonlijk geweld (37%) en terrorisme/conflicten (35%) het meest in het nieuws zien.
  • Gemiddeld lopen mensen de grootste kans om zelf kanker (70%), hart- en vaatziektes (60%) en diabetes of nierziektes (58%) te krijgen. 
  • Indien gevraagd wat ze de meest onplezierige manier vinden om dood te gaan, is de kans het grootst dat ze kanker zeggen (40%), gevolgd door een ongeluk (27%), terrorisme of een verkeersongeval (26%).  
  • Mensen zeggen dat ze het minst controle hebben over het slachtoffer worden van een terroristische aanslag (32%), krijgen van kanker (31%) of een verkeersongeval krijgen (30%).
  • In alle landen denken mensen gemiddeld dat ze de grootste kans lopen om kanker te krijgen (31%), een verkeersongeval te krijgen (25%) of hart- en vaatziekten (24%).

Sjoerd van Heck (Ipsos): 
“Onze meest recente Ipsos Perils of Perception studie laat zien dat veel landen er flink naast zitten bij het inschatten van de belangrijkste doodsoorzaken in het land. 
In alle 32 landen in deze studie schatten mensen te laag in hoeveel personen jaarlijks sterven door de ernstigste doodsoorzaken, zoals kanker en hart- en vaatziekten. Maar de populaties in veel landen overschatten daarnaast ook andere doodsoorzaken, bijvoorbeeld als gevolg van moord, verkeersongevallen, suïcide of misbruik van alcohol en drugs. 
We weten dat vele factoren die percepties kunnen beïnvloeden, maar dit jaar hebben we ook kwesties onderzocht zoals wat mensen het meest op het nieuws zien, waardoor ze persoonlijk zijn beïnvloed en dingen waarover ze vonden dat ze de minste controle hadden. In enkele gevallen zien we dat deze van invloed zijn –in sommige landen lijkt het zien van meer verhalen hierover in het nieuws bijvoorbeeld gerelateerd aan hogere schattingen omtrent kwesties zoals verkeersongevallen en persoonlijk geweld, ook al kunnen mensen een beter idee hebben van wat ze daadwerkelijk kan overkomen. Het beeld van een individueel niveau is complexer en geeft aan wat een uitdaging het is om de invloeden op onze percepties van de wereld om ons heen op één enkele factor terug te voeren. 
De dood is misschien geen onderwerp waar velen van ons over willen praten, maar onze mispercepties hierover hebben duidelijk implicaties voor volksgezondheid en beleid – en een beter begrip van die percepties kan een beter gesprek daarover met het publiek mogelijk maken.” 


Technische opmerking: 
Dit zijn de bevindingen uit de Ipsos MORI Perils of Perception Survey 2020. We hebben 16.000 interviews uitgevoerd van 22 november tot en met 6 december 2019. 
Dit onderzoek is uitgevoerd in 32 landen over de hele wereld, met behulp van het Ipsos Online Panel systeem, in Argentinië, Australië, België, Brazilië, Canada, Chili, SAR China, Colombia, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië, Hongkong, SAR, China, Hongarije, India, Italië, Japan, Maleisië, Mexico, Nederland, Peru, Polen, Roemenië, Rusland, Saoedi-Arabië, Singapore, Zuid-Afrika, Zuid-Korea, Spanje, Zweden, Turkije en de Verenigde Staten. 
Ongeveer 1000 personen in de leeftijd van 16-74 jaar zijn onderzocht in Argentinië, Australië, België, Brazilië, Chili, China, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië, Italië, Japan, Mexico en Spanje. Ongeveer 1000 personen in de leeftijd van 18-74 jaar zijn onderzocht in de Verenigde Staten en Canada. Ongeveer 500 personen in de leeftijd van 16-74 jaar zijn onderzocht in Argentinië, België, Colombia, Hongkong, SAR, China, Hongarije, India, Maleisië, Nederland, Peru, Polen, Roemenië, Rusland, Saoedi-Arabië, Singapore, Zuid-Afrika, Zuid-Korea, Zweden en Turkije. 
18 van de 32 onderzochte landen hebben een nationaal representatieve steekproef opgeleverd in die landen (Argentinië, Australië, België, Canada, Frankrijk, Duitsland, Groot-Brittannië, Hongkong, SAR, China, Hongarije, Italië, Japan, Nederland, Polen, Singapore, Zuid-Korea, Spanje, Zweden en de Verenigde Staten).
In Brazilië, Chili, Colombia, SAR, China, India, Maleisië, Mexico, Peru, Filippijnen, Roemenië, Rusland, Saoedi-Arabië, Zuid-Afrika en Turkije was de nationale steekproef meer stedelijk en meer opgeleid en met een hoger inkomen dan hun medeburgers. We noemen deze respondenten “Upper Deck Consumer Citizens”. Ze zijn geen nationaal landelijke afspiegeling van hun land.
De “werkelijke” data is voor alle vragen afkomstig uit de Institute for Health Metrics and Evaluation Global Burden of Disease Study (2017). Meer informatie is te vinden op ghdx.healthdata.org/gbd-2017. De bron voor data uit Hongkong, SAR en China is https://www.healthyhk.gov.hk/.
In die gevallen waarin uitkomsten niet gelijk zijn aan 100 of het ‘verschil’ +-1 meer of minder is dan het werkelijke resultaat, kan dat komen door afronding, meerdere antwoorden of de uitsluiting van ‘weet niet’ of ‘geen antwoord’. 
De data is gewogen voor een afspiegeling van het profiel van de populatie.  

 

(1) Interviews online uitgevoerd met volwassenen onder de 65. In landen met een lage internetpenetratie heeft de steekproef een meer stedelijk, opgeleid profiel met een hoger inkomen dan de algemene populatie 

Corporate