Politiek met Sjoerd - Covid-19 en de publieke opinie

Ziet de wereld na corona er anders uit?

Schrijver(s)
  • Sjoerd van Heck Public Affairs, the Netherlands
Get in touch

Sjoerd van HeckZiet de wereld na corona er anders uit? 

De coronacrisis is als een snelkookpan waarin bestaande maatschappelijke discussies onder hoge druk samenkomen: het globaliseringsdebat, de vraag naar een overheid die zich actiever opstelt in het economisch leven, de waarde van privacy en het gevaar van populistische sentimenten. 

In een paar maanden tijd heeft een virus de wereld tot stilstand gebracht. De eerste officiële melding van een coronabesmetting was op 8 december 2019 (hoewel het vermoeden is dat het virus al eerder opdook in de Chinese provincie Hubei). Inmiddels zijn wereldwijd meer dan een miljoen mensen besmet. Ongeveer de helft van de totale wereldbevolking leeft momenteel onder een vorm van ‘lock down’. In verschillende landen is de noodtoestand uitgeroepen, soms permanent. Grenzen zijn dicht, winkels sluiten en straten zijn leeg. 

Volgens Thomas Friedman zullen we later terugkijken op een wereld B.C. en een wereld A.C.. Een wereld voor corona, en een wereld na corona. Voor velen lijkt het geen twijfel dat de wereld A.C. er anders uit zal zien. Immers: ‘never let a good crisis go to waste’. Rahm Emanuel, ‘chief of staff’ van Barack Obama tijdens de vorige mondiale crisis (de kredietcrisis), probeerde daarmee te zeggen dat een crisis moet worden gebruikt om buiten de gebaande paden te gaan. Om ingrijpende maatregelen te treffen. 

Hoe zal deze crisis worden gebruikt? Hoe ziet de wereld A.C. eruit? Wordt deze crisis gebruikt om meer internationale samenwerking en solidariteit af te dwingen? Dwingt het overheden tot forse ingrepen in de economie? Is de coronacrisis de volgende stap op weg naar de surveillancestaat? 
 

In de coronacrisis komen de belangrijke vragen van onze tijd samen:

  1. grenzen aan de globalisering
  2. overheidsingrijpen in de economie
  3. privacy in de data-samenleving
  4. populisme en de hang naar sterke leiders

 

Grenzen aan de globalisering

Je zou verwachten dat een mondiale gezondheidscrisis reden zou zijn voor beide wereldmachten om samen te werken. Niets blijkt minder waar. China en de Verenigde Staten zijn verwikkeld geraakt in een ‘blame game’. Chinese diplomaten zeggen dat het Amerikaanse leger het coronavirus naar Wuhan heeft gebracht. Trump noemt corona een Chinees virus.

Ook Europese samenwerking blijft uit. De aanpak van de bestrijding van het virus wordt niet centraal gecoördineerd vanuit Brussel, net zo min als bijvoorbeeld de  verstrekking van essentiële medische beschermingsmiddelen zoals mondkapjes. 

Feike Sijbesma, oud-voorman van DSM, is nu als ‘coronagezant’ van het kabinet druk in de weer om voor Nederland voldoende medische voorzieningen binnen te halen. Testmaterialen, beademingsmachines, pijnstillers. Die middelen zijn schaars, en overheden zijn aan het hamsteren. De indruk van Sijbesma: “het is ieder voor zich”. De Verenigde Staten probeerden zelfs de exclusieve toegang tot een vaccin te kopen.

Er gaan stemmen op om tot  meer internationale samenwerking te komen. Landen die minder getroffen zijn door het virus zouden bijvoorbeeld medisch personeel naar andere landen kunnen sturen om daar te helpen, stelt Yuval Noah Harari voor. Een mondiaal probleem vereist een mondiale aanpak. Een virus laat zich niet stoppen door grenzen. 

Maar de nationalistische reflex is sterk. Vrijwel meteen na de uitbraak van het virus gingen de grenzen dicht. Met ruime steun van de bevolking. Een peiling van Ipsos laat zien dat in Nederland een meerderheid (58%) de grenzen volledig wil sluiten, in ieder geval totdat de uitbraak van het virus onder controle is. 


xxx

 

De coronacrisis maakt pijnlijk duidelijk hoe ingewikkeld het is om tot internationale samenwerking te komen. Bestaande  tegenstellingen tussen nationalisten en globalisten dreigen te worden versterkt. Data van Ipsos over de publieke opinie in 32 landen (verzameld voor de crisis) laat een duidelijke tweedeling zien: de groep die zich identificeert als ‘wereldburger’ is ongeveer even groot is (47%) als de groep die zich meer verbonden voelt met het land van geboorte (44%).

Visies over identiteit lopen uiteen. Dat maakt dat de wereld ook sterk verdeeld is over de wenselijkheid van globalisering. In ontwikkelende economieën zoals Brazilië en India is er enthousiasme, ook omdat burgers in die landen zeggen persoonlijk van wereldhandel te profiteren. In het westen is er verdeeldheid. Minder dan de helft (46%) van de Nederlanders vindt dat ons land van de globalisering profiteert. De coronacrisis is een nieuwe test om de grenzen van de globalisering en internationale solidariteit te bepalen.

 

Overheidsingrijpen in de economie

De grenzen van de globalisering en internationale solidariteit zijn ook relevant bij het opvangen van de economische gevolgen van deze crisis. Data van Ipsos suggereert dat inmiddels een derde van werkend Nederland zich ernstige zorgen maakt over het behoud van de eigen baan. De wereld zet zich schrap voor een economische recessie.  

In onzekere tijden kijken burgers naar de overheid.  Tijdens de vorige mondiale crisis, de kredietcrisis, duurde het ongeveer drie jaar voordat overheden de financiële markten wisten te kalmeren. Dat gebeurde nadat duidelijk werd dat men de Euro koste wat kost overeind zou houden: ‘whatever it takes’

Nu lijken staten sneller te handelen. Frankrijk heeft al aangekondigd geen bedrijf failliet te laten gaan als gevolg van de crisis. Duitsland en Nederland beloven financiële injecties aan het bedrijfsleven. Het noodpakket dat in de Verenigde Staten is opgetuigd om de economie te redden overtreft in omvang de maatregelen die de kredietcrisis wisten te bezweren. In een eerste reactie leven de financiële markten op.  

 

xxx

 

De coronacrisis de belangrijkste aanleiding dat overheden ferm ingrijpen in de economie. Maar het maatschappelijk draagvlak daarvoor bestaat al langer. Ipsos data toont aan dat burgers een actievere rol van overheden in het economische leven verwachten. Sociaaleconomische ongelijkheid wordt als een probleem ervaren. Twee op de drie Nederlanders (67%) zeggen dat grote inkomensverschillen schadelijk zijn voor de economie, en liefst driekwart verwacht dat de overheid fiscale maatregelen treft om dat tegen te gaan. 

Dit sentiment zal versterkt worden door de coronacrisis. Data uit de Verenigde Staten laat zien dat burgers uit de lagere sociaaleconomische klassen harder worden getroffen: zij kunnen minder makkelijk thuiswerken, met verhoogd besmettingsgevaar als gevolg, en lopen een groter risico om werkloos te raken.

De vraag is in hoeverre staten ook bereid zijn economische verlichting te bieden aan burgers buiten de eigen grenzen. In Europa laait een discussie uit de vorige crisis alweer op: is het ‘spaarzame’ noorden bereid om het zwaarder getroffen zuiden financieel bij te staan? Ook hier test de coronacrisis de grenzen van de solidariteit. 

 

Privacy in de datasamenleving

Overheden wereldwijd springen bij om de economische klappen van de crisis op te vangen. En ze moeten de gezondheidszorg op peil houden. De coronacrisis zorgt voor een terugkeer van de ‘Big State’, merkt The Economist op. Ook op het gebied van crisismanagement eigenen staten zich meer rechten toe. Mobiele technologie wordt ingezet om het virus in te dammen. De wegen van ‘Big Government’ en ‘Big Data’ kruisen elkaar. 

In Zuid-Korea gebruiken gezondheidsdiensten een veelvoud aan datapunten (locatie informatie van mobiele telefoons, creditcard gegevens en beelden van bewakingscamera’s) om de bewegingen van burgers die besmet zijn vast te leggen. Mensen die in aanraking dreigen te komen met ‘besmettingsgevallen’ worden gewaarschuwd, en worden aangemoedigd om zich te laten testen. 

In Singapore wordt een soortgelijk systeem gebruikt. En ook in Israël. Ben je 10 minuten of langer in de buurt geweest bij iemand die het virus heeft gehad, dan krijg je een melding op je telefoon om in quarantaine te gaan. In Oostenrijk krijg je een dergelijke melding na 5 minuten in de nabijheid van een ‘besmettingsgeval.’

Nederland sluit aan in het rijtje overheden dat mobiele data gebruikt om het coronavirus te bestrijden. Het kabinet kondigde recentelijk aan dat mobiele apps de kern van het nieuwe testbeleid worden. Organisaties die zich hard maken voor privacy zijn bezorgd. Er spelen allerlei vragen op het gebied van vrijwilligheid, dataopslag en dataveiligheid. Privacy voorvechters claimen dat overheden de neiging hebben om verworven rechten niet snel op te geven. Na de aanslagen van 11 september 2001 eigenden overheden zich bijzondere surveillancebevoegdheden toe, die in de meeste gevallen nog steeds van kracht zijn. Aan de andere kant staan onderzoekers uit de medische wereld, die wijzen op de effectiviteit van ‘track and trace’ applicaties in de strijd tegen corona. 


xxx

 

Dit debat is niet nieuw. Uit data van Ipsos blijkt dat al voor de coronacrisis twee op de drie burgers (67%) in 32 landen aangaven bezorgd te zijn over de manier waarop overheden persoonlijke data gebruiken. Tegelijkertijd geven steeds meer burgers wel vrijwillig hun data op in ruil voor gepersonaliseerde services. Met name jongeren zien de voordelen van online content die speciaal op hun voorkeur is afgestemd. 

Zie hier het data dilemma: we zijn bezorgd over onze privacy, maar tegelijkertijd zijn we steeds meer bereid om onze data te delen. In de meeste gevallen gaat het daarbij om de afweging tussen gebruiksgemak en privacy. De nieuwe afweging, tussen de volksgezondheid en privacy, is een stuk gevoeliger. 

 

Populisme en de hang naar sterke leiders

Een crisis maakt politieke leiders populair. In de Verenigde Staten schiet de waardering voor Donald Trump omhoog. De eerste signalen hinten op een vergelijkbaar effect in Nederland: zo’n acht op de tien Nederlanders steunen de corona-aanpak van het kabinet, blijkt uit onze peiling. Meer indicatoren wijzen in die richting: zowel het vertrouwen in het kabinet (59%) als de inschatting van Mark Rutte als ‘ideale premier’ (54%) laten een sterke stijging zien.

Kiezers scharen zich in een eerste reactie, vaak ingegeven door een mengeling van patriottisme en onzekerheid, achter het gezag. Een dergelijke ‘rally around the flag’ is een bekend fenomeen. Nadat president George W. Bush de Amerikanen in 2001 op televisie toesprak om de oorlog tegen het terrorisme aan te kondigen, noteerde Gallup de hoogste waarderingsscore ooit voor een president: 90%. En ook de populariteit van de presidenten John F. Kennedy (’Cuban missile crisis’)  en Bush senior (Eerste Golfoorlog) kenden een opleving in tijden van crisis en oorlog. Wat die historische voorbeelden ook laten zien: een plotse toename in steun en populariteit in reactie op externe dreiging is vaak van zeer korte duur. 


xxx

 

‘Sterke leiders’ manifesteren zich ook in de coronacrisis. De Braziliaanse president Jair Bolsonaro bijvoorbeeld, die alle ophef over dit ‘griepje’ maar overdreven vindt. Zijn politieke tegenstanders en de media proberen het Braziliaanse volk om de tuin te leiden met bangmakerij, zo liet hij optekenen. Tegen alle adviezen van experts in mengde hij zich handenschuddend onder het volk. 

Ook Donald Trump’s houding ten opzichte van de coronacrisis is, zacht uitgedrukt, ambivalent. In eerste instantie leek er bij de Amerikaanse president geen twijfel over te bestaan dat zijn land wel zou zijn opgewassen tegen het virus. Rond Pasen zou alles weer voorbij zijn. Toen drong de ernst van de situatie tot hem door. Nu laat hij zich positief uit over een mogelijk medicijn tegen corona (hydroxychloroquine), in contradictie met wat zijn eigen medische experts zeggen

Twijfel zaaien over wetenschappelijke inzichten, een wij-zij tegenstelling creëren en jezelf als buitenstaande positioneren.  Het zijn typische elementen uit het ‘playbook’ van populisten. De neiging om wetenschappelijk bewijs te betwisten, bijvoorbeeld, zien we ook terug in het debat rondom klimaatverandering. En het vindt weerklank onder delen van de bevolking. Ongeveer een op de drie burgers wereldwijd zegt dat wetenschappers niet weten waar ze over praten als het gaat om de opwarming van de aarde, zo laat onze data zien. 

In de coronacrisis is het gezag van de wetenschap vooralsnog groot. Het kabinet zegt besluitvorming op adviezen van experts te baseren, en wordt daarvoor alom geprezen. En een overgrote meerderheid van de Nederlanders (81%) vertrouwt het RIVM.

Maar toch, Ipsos data van voor de crisis suggereert dat wereldwijd een significante groep burgers (55%) de voorkeur geeft aan een ‘sterke leider’ in plaats van hun huidige regering. Dit sluimerend populistisch sentiment dreigt te worden geactiveerd zodra een economische neergang inderdaad volgt. Dat is zorgwekkend. Populisten ondermijnen de consensus over de rol van experts in de coronacrisis. 

 

Conclusie

In de coronacrisis komen de grote vragen van onze tijd samen: het globaliseringsdebat, de vraag naar een overheid die zich actiever opstelt in het economisch leven, de waarde van privacy en het gevaar van populistische sentimenten. Maar hoe ziet de wereld ‘post corona’ er dan uit? 
Soms fungeert een crisis als een katalysator om verandering te brengen. In Duitsland maakte de kernramp in Japan een einde aan de discussie over kernenergie. Duitsland besloot te stoppen met kernenergie. 

Tegelijkertijd weten we ook dat de publieke opinie relatief stabiel is, en niet snel in beweging is te krijgen. In 2013 zei een ruime meerderheid van burgers in 32 landen (75%) dat er snel iets moest gebeuren om klimaatverandering tegen te gaan omdat anders een ecologische ramp dreigt.  Bij onze meest recente meting in 2019 was dat 79%. Statistisch gezien een verwaarloosbare verandering. Ondanks het klimaatakkoord van Parijs, Greta Thunberg, recordzomers en verhitte debatten. 

Of de wereldwijde publieke opinie inderdaad immuun blijkt voor Covid-19 zal de tijd leren. Maar nu al zeggen dat alles anders wordt is voorbarig. 

 

Meer informatie

Neem voor meer informatie contact op met Sjoerd van Heck ([email protected]

Referenties
In dit stuk wordt veel verwezen naar opinieonderzoek van Ipsos in 32 landen. Dit betreft het Ipsos Global Trends onderzoek, uitgevoerd in 2013, 2016 en 2019. Meer informatie op de website van Ipsos Global Trends
De volgende rapporten uit Ipsos Global Trends hebben betrekking op bovenstaand stuk:

Lees ook het essay van Ipsos onderzoekers Harm Hartman en Sjoerd van Heck: Can governments ever tell a compelling story? 

Alle blogs van Sjoerd over politiek en publieke opinie zijn op deze pagina verzameld. 
 

Schrijver(s)
  • Sjoerd van Heck Public Affairs, the Netherlands

Maatschappij