Wereldwijde houding ten opzichte van vluchtelingen blijft stabiel, maar vragen over de uitvoering blijven bestaan
Tegen de achtergrond van historisch hoge aantallen ontheemden, economische druk en aanhoudende discussies over immigratie, laat de nieuwste wereldwijde peiling van Ipsos zien dat de publieke houding ten opzichte van vluchtelingen opvallend stabiel is gebleven.
Volgens UNHCR waren eind 2025 naar schatting 117,3 miljoen mensen wereldwijd gedwongen op de vlucht. Hoewel dit de eerste daling van het aantal ontheemden in meer dan tien jaar betekent, blijft het totale aantal uitzonderlijk hoog.
De meeste mensen vinden nog altijd dat mensen die oorlog of vervolging ontvluchten bescherming moeten kunnen zoeken in een ander land. Tegelijkertijd bestaan er zorgen over de beoordeling van vluchtelingenaanvragen, de integratie van vluchtelingen en de manier waarop opvang- en asielsystemen in de praktijk functioneren.
Belangrijkste inzichten
Steun voor bescherming blijft stabiel
Twee derde van de respondenten (66%) vindt dat mensen die vluchten voor oorlog of vervolging de mogelijkheid moeten hebben om bescherming te zoeken in een ander land. Dat aandeel is vrijwel gelijk aan 2025 en vergelijkbaar met de periode vóór de coronapandemie.
Twijfels over de uitvoering blijven bestaan
Zes op de tien (61%) denken dat veel mensen die een vluchtelingenstatus aanvragen daar eigenlijk geen recht op hebben. Daarnaast is bijna de helft (49%) voorstander van het volledig sluiten van de grenzen voor vluchtelingen. Dit laat zien dat steun voor de bescherming van vluchtelingen vaak samengaat met zorgen over de manier waarop het vluchtelingensysteem in de praktijk werkt.
Verdeelde verwachtingen over integratie
Minder dan de helft (44%) verwacht dat vluchtelingen succesvol zullen integreren in de samenleving. Jongere generaties zijn optimistischer: 49% van Generatie Z heeft vertrouwen in een succesvolle integratie, tegenover 39% van de Babyboomers.
Steun wordt selectiever bij actuele conflicten
Wanneer mensen nadenken over ontheemding als gevolg van de conflicten in Iran en Libanon, geven zij het vaakst de voorkeur aan humanitaire hulp (28%) en diplomatieke inspanningen (24%). Tijdelijke opvang of asiel (19%) krijgt aanzienlijk meer steun dan het permanent opnemen van extra vluchtelingen (6%).
Verantwoordelijkheid wordt steeds meer als een gezamenlijke taak gezien
Internationale organisaties worden nog steeds het vaakst genoemd als partij die meer zou moeten doen om vluchtelingen te ondersteunen. Tegelijkertijd verwachten steeds meer mensen ook een grotere rol van maatschappelijke organisaties (28%, tegenover 23% eerder) en nationale overheden (20%, tegenover 16%). Minder respondenten vinden dat vooral rijkere landen deze verantwoordelijkheid moeten dragen (21%, gedaald van 30%).

Grote verschillen tussen landen
De steun voor het bieden van bescherming aan vluchtelingen verschilt sterk per land. In Zweden en Nederland is deze het hoogst (78%), terwijl Zuid-Korea met 44% de laagste steun laat zien.
In sommige landen is de publieke opinie de afgelopen jaren aanzienlijk veranderd. Zo steeg de steun in Japan van 23% in 2019 naar 64% in 2026. In Frankrijk nam deze toe van 43% naar 68% in dezelfde periode.
Tegelijkertijd laat het onderzoek zien dat steun voor vluchtelingenbescherming niet automatisch betekent dat zorgen over het asielsysteem verdwijnen. In meerdere landen gaan een positieve houding ten opzichte van opvang en blijvende twijfels over de beoordeling van asielaanvragen en de werking van het systeem hand in hand.
Nu de internationale gemeenschap stilstaat bij 75 jaar Vluchtelingenverdrag, laten de resultaten zien dat de steun voor de bescherming van vluchtelingen wereldwijd grotendeels overeind blijft. De maatschappelijke discussie verschuift daarbij steeds meer naar de vraag hoe verantwoordelijkheden verdeeld moeten worden en hoe opvang en bescherming in de praktijk het beste kunnen worden georganiseerd.
Trinh Tu, Managing Director, Public Affairs UK, Ipsos, zegt:
People continue to support protecting those forced to flee. That hasn’t changed much. But many question how refugee protection works in practice and whether systems are fair. Those views are often presented as opposites, but our research suggests they frequently coexist. Debate is shifting from whether refugees should be protected to questions of systems, delivery and responsibility. Understanding these concerns will be important for maintaining public confidence.